Posts tonen met het label voor jongeren. Alle posts tonen
Posts tonen met het label voor jongeren. Alle posts tonen

vrijdag 27 april 2018

0

Ontmoeting met Tine Bergen


We hádden Tine Bergen al eens geboekt, eind februari, maar treinstakingen gooiden toen roet in het eten. Dat komt ervan als je een schrijfster uit het verre Leuven wil uitnodigen omdat je er al veel goeds over hebt gehoord. Hoewel al enkele non-fictie titels op haar actief en een thriller voor volwassenen, schrijft Tine Bergen overwegend korte jongerenromans waarin emoties en omgaan met frustraties centraal staan. De ideale spreker dus voor een publiek uit het derde middelbaar, voor wie het al eens wat 'meer' mag zijn.

Tine wist goed gedoseerd allerlei wetenswaardig over het schrijverschap in haar lezing te smokkelen. Ze debuteerde in 2006, kort na haar studies Germaanse talen en antropologie, met Verwachtingen, een liefdesverhaal dat behoorlijk schuurt. Ze hield het boek op voor het publiek, met die ietwat misleidende zeemzoeterige cover, en toonde zo aan dat een schrijver en een uitgever anders tegen een boek aankijken. Waar de schrijver een verhaal ziet dat hem na aan het hart ligt, ziet de uitgever in de eerste plaats een product waar fiks in geïnvesteerd is en dus zo goed mogelijk moet verkopen. En wat heb je daar als hongerige debutante tegen in te brengen?


Tine was al lang blij dat haar verhaal een echt Boek werd. Van kindsaf aan had ze geschreven, al was het maar om voor zichzelf een bubbel te creëren temidden van een lawaaierig gezin (lees: broer). Maar op een dag besliste ze dat ze de sprong echt moest wagen en zette ze zich met haar laptop op het terras. Na een periode met klassieke afwijzingsmails ('u past niet in ons fonds') en lange wachttijden, kwam er een verlossend berichtje van uitgeverij Clavis. Het steekt tot op vandaag in de inbox van Tine, als een reminder waar ze het allemaal voor doet.

In De vlindertheorie sluiten twee meisjes met bijna dezelfde naam, Linn en Lien, een weddenschap om een jongen. Wie de opdrachten die ze elkaar geven het beste uitvoert, mag hem hebben. Het mondt uit in een tragedie. De vlindertheorie verwijst naar de vleugelslag van een vlinder die aan de andere kant van de wereld een orkaan kan veroorzaken. De schrijfster las een stukje uit het begin van het boek voor en vroeg toen aan de leerlingen of ze geprikkeld waren om verder te lezen; een schrijver doet altijd heel hard zijn best op de openingspagina's, om de lezer het verhaal in te lokken. De meningen waren verdeeld. Wat voor de een te hard, te zwaar, te emo klonk, leek voor de ander een interessant, diepgravend verhaal over de realiteit.


De hele lezing door polste Tine naar de mening van het publiek. Dat is te prijzen, want dat doet lang niet elke auteur. Maar uiteindelijk valt een schrijver telkens terug op zijn eigen voorkeuren - hoe zou het ook anders kunnen? 'Een schrijver schrijft in wezen altijd hetzelfde boek,' zei Tine. 'En bij mij zijn dat nu eenmaal verhalen waar menselijke verhoudingen de dienst uitmaken. Het liefst in een geloofwaardige wereld, waar dus ook vervelende gevoelens zoals frustratie en spijt opduiken.'

Toch maakt een schrijver onvermijdelijk een evolutie door. Technisch: Tine is al lang niet meer tevreden over hoe de couleur locale in haar 'Japanse' roman Gaijin het verhaal overwoekert. Maar ook emotioneel: ze is milder geworden. Dé waarheid bestaat niet. Een roman moet eerder vragen stellen dan antwoorden geven. Begrip tonen. Die juiste, milde toon vond ze, of all people, bij Wannes Cappelle van Het Zesde Metaal. Bijvoorbeeld in het nummer 'Bouwt ip mie', dat Tine liet horen via YouTube. Met in onze contreien behoorlijk overbodige ondertitels, wat grappig was.


Ook een zekere gevoeligheid en twijfel zijn een schrijver eigen. Daarom was er die opluchting toen, na Verwachtingen, ook de volgende manuscripten van Tine vlot werden geaccepteerd. Haar debuut was dus geen gelukje. Ondertussen staan er meer dan tien boeken op de plank! En toch wordt schrijven nooit een vanzelfsprekende bezigheid. Het is een eenzaam bestaan, je moet alle beslissingen zelf nemen, en vaak tob je je suf op je eilandje of een boek wel zal werken in de grote buitenwereld. 'Er zijn vele redenen om een boek niet te schrijven,' sprak Tine aforistisch, 'en het belangrijkste talent van een auteur is zijn koppigheid - hij moet koppig genoeg zijn om door te zetten'.

Een kat in het schrijvershok is dan dankbaar gezelschap. Een kat oordeelt en veroordeelt niet. Snoep en fake mojito's brengen troost als het even niet vlot. En anders is er nog de enorme grabbelbak die Google heet, om de inspiratie een zetje te geven. Al is internet een tweesnijdend zwaard: afleiding ligt altijd op de loer. Na al die jaren is Tine sowieso blij dat ze niet alléén maar boeken pent. Ze werkt ook nog voor tijdschriften. Die input vanuit de journalistiek is van groot belang, voor het evenwicht. Over evenwicht gesproken: sinds ze kinderen heeft, is het voor Tine extra jongleren met tijd om te schrijven. De dagen vol plezierige chaos zijn voorgoed voorbij.


Met gepaste trots liet ze tot slot de covers zien van Onderbuik en Onderstroom, de eerste twee delen uit de thriller-serie Het college. De illustraties werden gemaakt door Eleni Debo. Tine liet meteen ook de ontwerpschetsen zien en toonde op die manier het proces van wikken en wegen waar elk aspect van een boek door moet. De leerlingen mochten opnieuw zeggen welke cover ze het mooiste vonden - en waarom.

Onderstroom verschijnt binnen enkele dagen. We wensen Tine een goede ontvangst van het boek toe en bedanken haar om helemaal naar Wevelgem te komen. Tot de volgende!

woensdag 28 februari 2018

1

Ontmoeting met Danny de Vos!


Danny de Vos is een relatief nieuwe naam aan het firmament der jeugdliteratuur. Hij debuteerde pas toen hij 47 was. Nochtans was Danny van jongsaf aan bezig met zijn gevoelens op papier te zetten. In de klas was hij een schuchter kind die liever onzichtbaar wou zijn, maar dat betekende natuurlijk niet dat er niets in zijn hoofd omging. Toen hij ouder werd, werd hem steeds vaker gevraagd: wanneer doe je iets met die schrijverij? Toen Danny gefascineerd raakte door het verhaal van zijn grootvader, die duiker was maar waarvan hij geen enkele foto bezit, kreeg hij het idee voor een heuse jeugdroman.

Laat ik meteen ook iets met Napoleon doen, dacht Danny. Uitgeverijen wilden in het Napoleon-jaar 2015 allemáál een boek rond de kleine keizer op de markt brengen. Dus als ik zijn naam in de titel zet... Dat was slim gezien: het prestigieuze Manteau hapte toe. Ondertussen heeft de schrijver al 7 boeken op zijn actief. Wat niet betekent dat redacteuren zijn manuscripten zomaar accepteren. 'Eigenlijk is schrijver-zijn goed vergelijkbaar met leerling-zijn op een school,' vertelde Danny het tweede middelbaar van het Sint-Pauluscollege. 'Je levert je werkstuk in tegen een strenge deadline, en een paar dagen later krijg je het terug vol rode doorhalingen.'


In Hoe Napoleon zijn verjaardag vierde gaat de twaalfjarige Melle op zoek naar zijn roots. Hij moet als strafwerk voor school een stamboom van zijn familie maken. Wanneer zijn Koreaanse studiegenote Yo ontdekt dat hij de lacunes in de stamboom met zijn eigen fantasie opvult, krijgt ze het te kwaad. Zij - een weeskind - zou niets liever willen dan haar echte voorouders te leren kennen! In het vervolgboek De vlucht van de kraanvogels wordt het verhaal van Yo uitgewerkt. Zonder spectaculaire Hollywoodiaanse herenigingsscènes - haar biologische ouders zijn nu eenmaal onvindbaar - slaagt Danny de Vos een positief einde te breien aan deze familiegeschiedenis.

Toen de Nederlandse uitgeverij Ploegsma hem vroeg een volgende roman over het vluchtelingenthema te schrijven - geen thema zo moeilijk, zó polariserend als vluchtelingen - vroeg Danny evenwel wat bedenktijd. Uiteindelijk kruipt het bloed waar het niet gaan kan, want anders-zijn, hoe het voelt om anders te zijn, dat is gewoon een eeuwig fascinerend vraagstuk. Danny toonde een foto van een man die het stadion van Manchester United binnenglipte om in voetbaltenue te kunnen poseren met zijn idolen. Deze man, ja, die wist nu hoe het was om topvoetballer te zijn. Een Facebookreaguurder die bij de foto van de verdronken Aylan schreef blij te zijn ('alweer 30 euro minder dat we moeten betalen voor een vluchteling') - hij weet niet hoe je je moet verplaatsen in iemand anders.


Toegang geweigerd zou de roman uiteindelijk heten. En omdat Danny bij elk boek een bijbehorende song schrijft, nam hij er plots zijn akoestische gitaar bij en zong een liedje over een president en een koning die voor 1 dag met elkaar willen ruilen. Tijdens het vragenkwartier vertelde Danny trouwens dat hij in zijn beroepsleven sociaal inspecteur is, met als specialisatie mensenhandel. Toen werd het wel even stil in de cafetaria van de Porseleinhallen.

Danny heeft echter ook een lichte toets, en die kan hij kwijt in het For girls only-boek dat hij samen met de Nederlandse schrijfster Hetty van Aar maakte. 'Misschien is het wel leuker om met iemand anders te schrijven. Het is minder eenzaam, je daagt elkaar ook uit.' De For girls only-reeks gaat over hoe meisjes en jongens naar elkaar kijken. Elke titel wordt gemiddeld op 6000 exemplaren gedrukt, de reeks is heel populair.


Vossenstreken is misschien wel het leukste boek van Danny de Vos tot nu toe. Een informatief boek - maar mét humor. Op de koffie vroeg iemand van de uitgeverij of Danny niks kon doen over mensengedrag en dierengedrag én het verband tussen die twee. Als bij wonder kreeg hij kort daarna het bezoek van illustrator Arnold Hovart, die spontaan aanbelde en voorstelde een paar proeftekeningen te maken. Een hoofdstukje gaat over neuspeuteren, dat blijkbaar geen exclusief menselijke bezigheid is.

Nadat Danny zijn nieuwste roman voorstelde (Schroot, jongen ontmoet meisje dat aan urban exploring doet) mochten de leerlingen vragen stellen. Waar Danny de namen voor zijn personages vandaan haalde? Dat was een makkelijke. 'Gek, maar als ik eenmaal een beeld van het personage voor me heb, borrelt meteen ook een naam op' zei Danny. Hoelang doet een schrijver over een roman? 'Even lang als vrouwen zwanger zijn: negen maanden'. Hilariteit in de zaal. Ook het financiële plaatje (hoeveel verdient een auteur?) is een klassieke vraag die bij elke schrijver terugkomt. Dus legde Danny geduldig uit hoe de boekenwereld werkt met percentages - zo'n tien percent per boek gaat naar de schrijver.


Danny de Vos was een graaggeziene gast in de bibliotheek. Fijn dat hij helemaal uit Bornem naar Wevelgem wou komen. 'West-Vlaanderen is heel sterk in leesbevordering en auteursbezoeken,' zei hij toen we samen naar de auto liepen. Bedankt, Danny, en tot de volgende!

Bekijk hier alle boeken van Danny de Vos in de bib.

maandag 23 mei 2016

0

Auteursontmoeting met Piet De Loof


Dat Piet De Loof geen klassieke auteurslezingen geeft, werd die elfde mei vanaf de eerste seconde duidelijk. Piet liet een paar minuten etherische muziek horen en ging ondertussen doodleuk tussen de leerlingen van het derde middelbaar zitten. Zonder een woord te zeggen - een impliciete uitnodiging om eens goed te luisteren naar wat weerklonk.

Piet De Loof ademt muziek. Van de eikenhouten Johann Sebastian Bach tot de electronische avantgardist Matthew Herbert. Al zijn jeugdromans zijn doortrokken van muziek. In Het laatste lied helpt Viola, de vijftienjarige dochter van een beroemde sopraan, mensen uit de nood. Voor iedere stemming vindt ze wel een liedje op haar iPod. De schoonheid van Clara gaat over een talentvolle pianiste die tijdens een muziekconcours instort en het podium moet verlaten. De zestienjarige Ludovic uit Ssst! heeft gehoorschade opgelopen in een studentencafé.


Zelfs Mijn vriend Hitler, een historisch accurate roman over de jeugdjaren van Hitler, draait goeddeels om muziek. August Kubizek wordt - in pijnlijke tegenstelling met zijn colerieke kameraadje 'Adi' - toegelaten tot de Weense academie en zal het schoppen tot dirigent.

"Muziek moet zowat de meest directe kunstvorm zijn," zei Piet. "Binnen enkele tellen moeten we ons verhouden tot een muziekstuk. Muziek kan nooit niets doen. De impact is acuut, terwijl een boek, een tekst zich pas na de nodige inspanning prijsgeeft." Omgekeerd worden wij op onze beurt gestuurd door de muziek. Om dat aan te tonen liet Piet een bibberig filmpje zien dat hij in de gauwte had gemaakt in een Gents park. Op zich nietszeggende beelden, maar zet er spannende / vrolijke / melancholische muziek onder en de beelden beginnen prompt een verschillend verhaal te vertellen.


Piet komt uit Oudenaarde. Hij werkte voorheen als redacteur en journalist, en verdient nu naast het schrijven van jeugdboeken ook zijn brood als copywriter. In een levendige stijl vertelde hij het publiek hoe het is om schrijver te zijn, en probeerde daarbij de voorspelbare vragen voor te blijven. De klassieke vraag over inspiratie, bijvoorbeeld: "Als ik wist waar ik mijn inspiratie vandaan haalde, ging ik daar elke dag naartoe." Piet neemt zichzelf niet te serieus, maar zijn boeken des te meer. Elke zin telt.

En de belangrijkste zin moet wel de openingszin zijn. Na jaren van volgehouden studie kan Piet inmiddels alle openingszinnen onderbrengen in een van de volgende rubrieken. (a) Het weerbericht ("Het was een donkere, stormachtige nacht." - strips van Jommeke beginnen hier al te vaak mee), (b) een openingszin die de lezer meteen midden in de actie stort, (c) een mysterieuze openingszin die de lezer héél nieuwsgierig maakt, (d) een informatieve zin die de hoofdpersoon keurig introduceert of (e) een openingszin die doelbewust een bepaalde sfeer neerzet.


Afsluiten deed Piet nogmaals met Mijn vriend Hitler, de jeugdroman waarvan toevallig dit weekend bekend raakte dat hij op de KJV-lijst staat voor volgend schooljaar. Het sobere, goed gedocumenteerde verhaal laat zien waar de verbittering van de jongvolwassen Hitler deels vandaan kwam. Tegenwoordig zouden we dat proces radicaliseren noemen. Wat niet betekent dat het mysterie Hitler nu van de baan is. Dat krijgt geen enkel boek - fictie of non-fictie - voor elkaar.

Piet De Loof was een graaggeziene gast in de bibliotheek. Hij nam nog vlug een selfie en gooide die meteen op Facebook. Wie zichzelf tagde in de foto, maakte kans op een gratis boek. Bedankt, Piet! Tot de volgende!


woensdag 18 mei 2016

0

Auteursontmoeting met Frank Geleyn


"Ik word vooral graag gelezen door jongeren die niet graag lezen," grapte hij. Frank Geleyn, die al twintig jaar lang kinder- en jeugdboeken publiceert, was vanmorgen te gast in de bibliotheek. Hij kwam er vertellen over zijn oeuvre en schrijverschap voor een publiek dat bestond uit leerlingen van het tweede middelbaar.

Met zijn rechttoe rechtaan boeken zonder literaire grootspraak of ingewikkelde verhaalstructuur is Frank Geleyn een vaste waarde in de Lekker lezen-reeks van uitgeverij De Eenhoorn. De West-Vlaming staat voor: realistische verhalen met een gevoelige ondertoon.

Daarbij worden zware thema's niet geschuwd. Ik zwijg kaart pesten op school aan, en de manier waarop deze problematiek kan voortetteren als de andere leerlingen blijven zwijgen. In De Vesuvius en ik keert Siska terug naar Napels om in het reine te komen met het feit dat ze daar, door een Italiaanse reisgids, werd aangerand. Ik val gaat over zelfmoord: omdat hij niet meer wil leven, reist een jongen naar het Ierse eiland Skellig om daar de hand aan zichzelf te slaan.


"Reizen zorgen inderdaad vaak voor inspiratie," vertelde de auteur aan de leerlingen van het Sint-Pauluscollege. "Al kan een boek evengoed starten met een sprankeltje hier, een zinnetje daar, dat mij onder de douche komt aangewaaid." Geleyn schrijft één avond per week - op woensdag. Hij is leerkracht Frans op een middelbare school, en moet dus woekeren met zijn vrije tijd. Over een boek doet hij 100 à 200 uur, herschrijven inbegrepen.


"Waarom schrijft u?" vroeg een jongen in de zaal. "Schrijven komt voort uit een innerlijke noodzaak," antwoordde Geleyn. "Je boterham kan je er niet mee verdienen - laat staan dat je er rijk van wordt." De schrijver deed een rekensommetje. Een boek kost tussen de 15 en 20 euro; daarvan gaat

-40% naar de boekhandel
-15% naar de drukkerij
-15% naar de distributeur
-14% naar de uitgeverij
-10% naar de auteur (5 % bij kinderboeken)
-6% naar promotionele onkosten

"Een uitgeverij is op dat vlak een bedrijf als een ander, dat winst wil maken. Anders kan het niet voortbestaan." Een boek wordt gedrukt op 1800 exemplaren en daarvan moeten er minstens 1000 verkocht worden om uit de kosten te raken. Haal je dat cijfer niet, dan is de kans klein dat je met je volgende boek aan de bak mag. Uitgeverijen zijn nu al onderbemand. Daarom laat de beoordeling van een manuscript vaak maanden op zich wachten. Geleyn: "Dat is een beetje alsof je iemand de liefde verklaart - ik hou van jou - en dan een half jaar moet wachten op een repliek."


Kampioen is een van de populairste titels van Frank. Max traint zich te pletter voor een grote wielerronde die hij best wel eens zou kunnen winnen. Alle andere activiteiten komen hierdoor in de verdrukking. Als uitsmijter las Frank een spannende passage voor uit het slothoofdstuk. Een leerling mocht op een hometrainer - met wielertrui én petje - de passage uitbeelden, onder luide aanmoedigingen van de rest van de klas.

Bedankt, Frank! Tot de volgende keer.


zondag 17 mei 2015

0

Met de KJV naar Gent


De KJV! Het is met stip de grootste jury van Vlaanderen, de jury met het grootste aantal stemgerechtigde leden van het land: 6475 stuks om precies te zijn. Het leeuwendeel van hen was op zondag 10 mei afgezakt naar Gent om samen met ruim 100 coördinatoren en begeleiders te horen wie van de 41 aanwezige auteurs en illustratoren werd bekroond.

Het KJV-slotevenement vond plaats op enkele tot de verbeelding sprekende locaties in de historische binnenstad van Gent. Het nieuwe concept vond eerlijk gezegd weinig bijval: de locaties op zich zijn mooi, maar weinig kan tippen aan de algehele ambiance van één locatie waar je helemaal kunt opgaan temidden van alle andere leesbeesten.

De delegatie uit Wevelgem, 12 kinderen uit een van de 266 KJV-afdelingen in Vlaanderen en Brussel, liet het alvast niet aan zijn hart komen. De zon scheen uitbundig en na de picnic in het Citadelpark stoven de verschillende leeftijdgroepjes uiteen, op zoek naar hun activiteiten.


Groep 3 rende naar de Lakenhallen en het stadhuis, groep 4 was present in de Sint-Pietersabdij, groep 5 moest naar de Vooruit. En begeleidsters Conny en Annelies maar pendelen tussen de verschillende locaties!

De kinderen konden genieten van een rondje improvisatietheater, een podiumprogramma met acteurs uit Thuis, signeersessies, lezingen, hier en daar een boekentafel én een felgesmaakt ijsje dat de bibliotheek hen trakteerde.

Marjolijn Hof


Karen Dierickx 

KJV, dat is niet alleen lezen, het is ook lezen met een bepaalde instelling. Het is denken dat je iets misschien niet zal lusten, en het toch proberen. Op het Boekenfeest gaat het dan over de boeken die het leukst werden bevonden.

Al komt het rondje prijsuitreikingen pas op het einde van de dag. De binnenhof van de Sint-Pietersabdij leende zich mooi voor zo'n plechtig moment.

Nancy Mostrey

Johan Vandevelde en Bart Vermeer

In Gent kregen alle laureaten cuberdons (Gentse neuzekes) cadeau! Top of the bill was de komst van de Australische succesauteur Andy Griffiths, van de Waanzinnige boomhut-reeks. Na afloop was het drummen aan de tafel van de boekenverkoop. Andy had voor iedereen een leuke boodschap veil vooraan elk boek.



Dit zijn de eerste plaatsen van de KJV 2015:

Groep 1 (4 tot 6 jaar)
Piraten in de straat - Jonny Duddle en Bette Westera (vert.) (De Fontein)

Groep 2 (6 tot 8 jaar)
Jacques op vakantie - Alex T. Smith en Harmen van Straaten (vert.) (The House of Books)

Groep 3 (8 tot 10 jaar)
De waanzinnige boomhut van 13 verdiepingen - Andy Griffiths, Terry Denton (ill.) en Edward van de Vendel (vert.) (Lannoo)

Groep 4 (10 tot 12 jaar)
Mijn bijzonder rare week met Tess - Anna Woltz (Querido)

Groep 5 (12 tot 14 jaar)
Wonder - R.J. Palacio en Esther Ottens (vert.) (Querido)

Groep 6 (14 tot 16 jaar)
Boy nobody - Allen Zadoff en Margot van Hummel (vert.) (Clavis)


In de jeugdafdeling liggen alle prijsbeesten uitgestald. Kleurrijke bladwijzers lijsten nog eens alle winnende boeken op.

maandag 4 mei 2015

0

VTI Gullegem ontmoet jeugdauteur Johan Vandevelde

Een van de trends in de Vlaamse adolescentenliteratuur van, pak 'm beet, de laatste tien jaar, is de specialisatie in genrefictie. De ene auteur bekwaamt zich in horrorverhalen, een andere bedrijft fantasy voor jongeren, een derde schrijft hoofdzakelijk detectiveverhalen.

Dat is prima: de boeken zetten allemaal in op spanning, actie en een goed verhaal -- op leesplezier, dus. Voor jongeren zijn het daarom vaak stapstenen op de lastige weg van jeugdboeken naar volwassenliteratuur (waar de genres ook welig tieren). Leerkrachten, van hun kant, maken dankbaar gebruik van genrefictie om hun leeslijsten, die vaak bol staan van ernstige 'probleem'boeken, wat op te leuken.

Al vijftien jaar vaste klant in de hoogste regionen van de KJV-eindlijstjes is Johan Vandevelde. Het begon al met zijn debuut De Tijdspoort, dat in 2002 bekroond werd door de Limburgse Kinder- en Jeugdjury. Centraal in het oeuvre staat de fantasy-tetralogie Elfenblauw: vier dikke turven (sommige meer dan 400 pagina's) die gelukkig lezen als een trein.


Johan kwam op verzoek van de bibliotheek een lezing geven voor de eerste graad van het VTI Gullegem. In een stevig tempo fietste hij door zijn meest recente boeken. Tussendoor gaf hij getoetst aan populaire voorbeelden (Lord of the Rings), een lesje in verteltheorie.

Naast SF en fantasy schrijft Johan Vandevelde ook traditionele literatuur. Zelf noemt hij het liever "levensechte boeken". Jaspers vlinders is een breekbaar verhaal over een jongen die aarzelend met zijn geaardheid in het reine moet komen, en daarin gesteund wordt door zijn leerkracht biologie die --publiek geheim-- ook homo is.

Johan schreef het boek omdat er eigenlijk geen coming out-verhalen bestonden met zo'n jonge hoofdrolspeler. Voor jongvolwassenen wel, maar niet voor het lager middelbaar. Johan liet een professioneel gemaakte trailer zien ter promotie van Jaspers vlinders op de boekenbeurs. Er zijn overigens plannen voor een heuse langspeelverfilming van het boek. Nog twee miljoen euro kapitaal vinden en de opnames kunnen beginnen ;-).


In principe zou Johan, afgestudeerd aan het RITS, de Brusselse filmschool, zelf het scenario kunnen schrijven. Aan de hand van een uitgeschreven scène uit Flikken lichtte hij de anatomie van een goed scenario toe. Gedachten en gevoelens vind je er niet in: enkel wat te zien zal zijn, is relevant. Een verhaal op het grote of het kleine scherm vertel je aan de hand van wat personages doen of zeggen.

Het jonge publiek van het VTI keek aandachtig toe, al was voor het velen soms een tikje te theoretisch allemaal. Enkelen snakten naar een voorgelezen fragmentje, een mogelijkheid tot interactie of naar een inkijkje in het privé-leven van de schrijver. Johan koos er echter voor niet af te wijken van zijn strak voorbereide verhaal.

Eén ding is zeker: ook in tijden van sociale media en YouTube blijft het beroep van schrijver tot de verbeelding spreken. Een leven van schrijven, schrappen, herschikken en herschrijven. Vragen als 'Waar komt inspiratie vandaan?', 'Kan je van schrijven leven?' en 'Hoelang doe je over een boek?' waren niet van de lucht. Na afloop ging Johan met de vier klassen op de foto.


woensdag 4 februari 2015

0

Ontmoeting met jeugdauteur Sebastiaan Leenaert

"Iemand gisteren die documentaire over het paringsgedrag van walvissen gezien?" Qua binnenkomer kon dat tellen. Wie in Sebastiaan Leenaert de zoveelste auteur had verwacht die zich het liefst heelder dagen opsloot in een geluidsdichte kamer met een Goed Boek, kwam gisteren bedrogen uit. Sebastiaan -'Bas' voor de vrienden, en iedereen die zijn boeken leest is automátisch vriend- is een man van de wereld. Zoals hij daar stond op het podium van ons Cultuurcentrum, gehuld in een hoodie en met de microfoon in de vuist, kon hij makkelijk voor gangstarapper doorgaan.


Nu, rappen deed Bas niet. Wel een mooi pleidooi voeren, voor lezen en voor boeken. Al begon hij dus met de bede om het iets breder te zien. "Toen ik 300 jaar geleden op school zat, had ik een leerkracht die graag naar een toren vol boeken wees in de hoek van de klas. Alsof die man zeggen wou: hoe meer je leest, hoe intelligenter je wordt. Alsof je niets kunt opsteken van een film of een tv-documentaire. Onzin, natuurlijk. Verhalen, in welke vorm ook, dáár gaat het om."

Toch hebben mensen die lezen wel iets voor op mensen die niet lezen. Bas hield een boek op. "Kennen jullie dit? Zo ziet een boek er dus uit. Staat vol tekens, die we 'letters' noemen. Samen vormen ze woorden, zinnen, hoofdstukken en, uiteindelijk, een verhaal." Blijkt dat studies hebben uitgewezen dat lezers gemiddeld meer empathie aan de dag leggen dan niet-lezers. Omdat ze via de personages meer in contact komen met de leef- en denkwereld van andere mensen. En zich beter leren in te leven in andermans gevoelens.


Het publiek, 170 jongeren van het tweede middelbaar, gaf te kennen dat het in deze tijden van smartphones en Snapchat nog wel degelijk boeken las, zo af en toe. "Als ik me verveel!" riep een meisje met lang haar, door Bas meteen omgedoopt tot Raponsje. "Maar boeken hebben toch nog andere pluspunten?" wierp hij tegen. "Je ouders gaan minder zeuren dan wanneer je je weer eens achter de computer nestelt. Lezen triggert bepaalde hersenfuncties die je die scène mee doet beleven, en minstens evenveel als wanneer je die scène gewoon zou zien. Het voordeel is wel dat je niet gebonden bent aan de fantasie van de filmmaker!"

Komt daar nog bij dat lezen wonderen doet voor je woordenschat. En de Nederlandse taal is belangrijk. Het substraatvak Nederlands vormt de vruchtbare ondergrond voor alle andere vakken op school. Want denken doe je grotendeels in taal. Leenaert geeft trouwens les aan de lerarenopleiding van de Arteveldehogeschool in Gent. Daar doceert hij jeugdliteratuur aan toekomstige leerkrachten... Nederlands.


Leve de schrijvers dus! Wat een gelukkig dat ze schrijven en blijven schrijven. Want vaak doen ze dat tegen wil en dank. Bas rakelde nog eens de problemen op waarvoor elke auteur, in het bijzonder jeugdauteurs, komen te staan. "Schrijven is nooit het probleem. Je boek verkocht krijgen wél. Ik heb momenteel 5 manuscripten opgestuurd naar 3 uitgeverijen. Mocht daar niets uit voortkomen, dan gaat dat zeker niet in je koude kleren zitten. Rijk word je er ook al niet van, als je rekent dat een auteur hooguit 10% van de verkoopprijs opstrijkt."

Schrijft Bas ook nog eens bijzonder ambitieuze boeken. 'Alternatieve sprookjes' worden ze soms genoemd. Het zijn boeken die niet voor de hand liggen. De hoofdpersonen van Misschien een engel vormen een Siamese tweeling. Andijvie met een vork gaat over een borderliner. Witte olifant speelt in het straatjongerenmilieu van Kathmandu. Roots belicht de moeilijkheden van een jonge Afrikaanse migrant in België.

Leenaert liet een dia zien van een aan denkbeeldige draadjes vastgeklonken kind dat als een marionet wordt bestuurd door de grote boze schaduw achter hem. "Ik schrijf over de demonen in elk van ons. Boeken over problemen. Het mooie van boeken is dat lezers beter leren omgaan met hun problemen door het mooie proces dat identificatie heet."


Want boeken boeien niet alleen, ze helpen je ook mentaal te groeien. Zonder dat iemand er erg in had, want met geestige YouTube-filmpjes, lepelde Bas een flink stukje verteltheorie op. Zijn inspiratiebron is het klassieke boek De held met de duizend gezichten van de Amerikaanse hoogleraar mythologie Joseph Campbell.

Moraal van een verhaal? Alle helden (van Harry Potter tot Katniss Everdeen) maken min of meer dezelfde cyclische reis door. Ze worden uit hun alledaagse leventje gerukt, worden uitgedaagd, moeten op queeste, maken op een zogeheten liminale plaats de overgang van de gewone wereld naar een speciale wereld, raken daar verwikkeld in moeilijkheden, overwinnen die hindernissen en keren dan terug naar hun normale bestaan, wijzer en rijper geworden.

Dat de oersprookjes in de loop der geschiedenis behoorlijk gecensureerd werden alvorens ze in kinderboeken terechtkwamen, bewees de pikante versie van Roodkapje die Bas had meegebracht. Hij riep een aantal leerlingen op het podium om samen de tekst als een luisterspel te evoqueren. Hoogtepunt: Roodkapje die van het vlees van haar grootmoeder eet en haar bloed drinkt...


Veel vragen in het Q&A-kwartiertje dit jaar! Iemand wou weten welke collega Bas bewonderde (Bart Moeyaert) en of onze auteur lievelingsboeken had (ja, De geheime geschiedenis en De ontdekking van de hemel). Of hij snel en makkelijk schrijft? "Best wel. Op de trein naar Gent schrijf ik veel. En onlangs ben ik een halfjaar door Azië getrokken. Heeft ook twee manuscripten opgeleverd."

En dat voor iemand die als kind bakker wilde worden... De leukste vraag kwam van achteraan in de zaal. "Zou jij nu je boeken kopen mocht je deze lezing hebben gezien?" Daar had Bas niet van terug. "Ik vind het moeilijk om daar op te antwoorden. Wat ik wel weet, is dat ik jullie heb proberen te verleiden, niet door eindeloos over mijn boeken te zeuren, maar door de manier waarop ik hier stá. Als iemand in wiens leven boeken een verschil maken."

Bas had twee nagelnieuwe exemplaren van Bastaard bij, zijn laatste boek. Hij maakte er twee leerlingen gelukkig mee. Achteraf nam hij de tijd voor een interviewtje, en om handtekeningen te zetten. Sebastiaan Leenaert stond garant voor een van de meest energieke en interactieve auteurslezingen van de laatste jaren. Bedankt, Bas, en tot de volgende!


vrijdag 23 mei 2014

0

Met de KJV naar Turnhout


Het is met stip de grootste jury van Vlaanderen, de jury met het grootste aantal stemgerechtigde leden van het land. Ik heb het natuurlijk over de KJV. Een paar duizend 4- tot 16-jarige leesbeesten waren op zondag 4 mei afgezakt naar de Warande in Turnhout om samen met ruim 100 coördinatoren en begeleiders te horen wie van de 64 auteurs en illustratoren werd bekroond.

Natuurlijk was er ook een Wevelgemse delegatie van de partij. Normaal sporen we naar het Boekenfeest; dit jaar hadden we omwille van de wel heel verre bestemming een bus ingelegd, samen met de delegaties van Zwevegem en Lendelede. 


Merel, Robbin, Noor, Leonie, Eva, Widad, Sana, Charlotte, Sara, Branco, Salim, Mieke en Michiel lazen samen met bijna 6000 andere kinderen de afgelopen maanden elk tien boeken. Dat is een stapel van 60.000 boeken die één voor één vastgepakt, bekeken en gelezen zijn. "Stel dat een KJV-boek gemiddeld 2 cm dik is," aldus het programmaboekje, "dan maakt dat een toren van 1,2 km. Ter vergelijking: de Eiffeltoren is 324 m hoog, inclusief antenne." 

KJV, dat is niet alleen lezen, het is ook lezen met een bepaalde instelling. Het is denken dat je iets misschien niet zal lusten, en het toch proberen. Op het Boekenfeest gaat het dan over de boeken die het leukst werden bevonden. Al komt het rondje plechtige prijsuitreikingen pas op het einde van de dag. 

Eerst mochten onze lezers zich uitleven tijdens workshops met Annet Schaap en Karst-Janneke Rogaar. Op de boekenmarkt kon je bij 25 uitgevers en verdelers boeken kopen. Her en der waren er Meet & Greet's met Echte Schrijvers (favoriet: Mark Tijsmans). Je kon een Voorleesshot meepikken of de Gigagroepsfoto bekijken van KJV-leden overal te lande. De Ren je rot-quiz loodste de lezers doorheen de labyrintische gangen van De Warande.


Begeleidsters Conny en Annelies (die samen met Els de KJV-werking van Wevelgem verzorgen) hadden een makkelijke middag. Ze hoefden hun groepjes enkel op tijd in de grote zaal te droppen. Daar praatte Wim Oosterlinck het moment suprême aan elkaar. Een bomvolle zaal roffelde met de handen, stampte met de voeten en joelde het uit toen van elk groepje de laureaat bekend werd gemaakt. 

Download hier [.pdf] de volledige lijst met winnaars.


maandag 12 mei 2014

0

Jeugdauteur Marian De Smet op bezoek


Een jeugdauteur die aan zijn pr wil werken, moet tegenwoordig een dubbeltalent zijn: hij moet niet alleen goed de pen kunnen voeren, hij moet ook over de gave van het gesproken woord beschikken. Nu heb je die gesproken woorden in alle maten en gewichten. Sommige schrijvers zitten met één been in de toneelwereld en kiezen ook in het lezingencircuit voor een erg theatrale aanpak, met veel gebaren, volume en sfeerwissels. Anderen voelen zich het best bij de informatieve insteek, geruggesteund door een strak opgebouwde PowerPoint.

Marian De Smet behoort tot de auteurs die resoluut kiezen voor naturel. Doe weg die toeters en bellen, dit is wie ik ben, dit is wat ik doe, take it or leave it. Eerst wat geïntimideerd door het honderdkoppige publiek, bewees Marian gaandeweg dat je ook op die manier een zaal gefocust kan krijgen. Zelfs de draadloze microfoon werd opgeborgen en ingeruild voor de eerste aarzelende penneprobeersels.

Ze toonde 'De kip die zooooveel eieren legde', een zelfgemaakt boekje. Ze toonde 'Raf ziet het niet meer zitten', een vroege tekst waarvoor ze werd beloond met Duet met valse noten, de klassieker van Bart Moeyaert. Ze toonde haar reisdagboeken (houdt ze nog steeds bij), een flard puberpoëzie (over onmogelijke liefdes, dat spreekt) en een poging om een thriller te schrijven (wat haar op een writer's block kwam te staan).

Die artefacten meebrengen, openvouwen, tonen, laat het nog met een verontschuldigende glimlach zijn, is belangrijk. In elke zaal heb je jongeren die schrijven of willen schrijven. Het is goed om te weten dat schrijvers vroeger ook hebben getast in het duister. Dat de weg naar het debuut ook niet over rozen ging.


Toen Marian De Smet (1976) puberde, was het stukken lastiger om een echte schrijver aan het werk te zien. Je had de bibliothecaris met zijn kaartenbak, en tien regeltjes tekst op de flap. Op zijn best nog een foto van De Auteur. Daar moest je het mee doen. Een kantelmoment voor Marian kwam toen Bart Moeyaert -- hij weer -- op een dag haar school bezocht. Een onuitwisbare indruk maakte hij.

Het echte werk diende zich aan toen Marian de lerarenopleiding volgde. Ze kwam er in aanraking met tientallen prentenboeken. Een uitspraak van een medewerker van uitgeverij Clavis bleef als een mantra door haar hoofd spoken: "Een prentenboek, dat is twaalf blokjes tekst." Het zou het richtsnoer worden bij haar debuut Op slot, over een jongen die zichzelf insluit op het toilet van de bibliotheek.

"Een boek," zei Marian, "ontwikkelt zich langzaam in mijn hoofd. Ik word gegrepen door een beeld, bijvoorbeeld een dove jongen op een perron. Het beeld wordt een kortfilm, de kortfilm een langspeler. Pas als het verhaal er staat, zoek ik mijn schrijftafel op." Je goed documenteren is daarbij cruciaal. "Voor De woorden van zijn vingers heb ik inlichtingen gewonnen bij een doventolk en op de dovenschool."


Haar eerste uitgeverij ruilde ze om voor een nieuwe. "Toen ik een prijs van de KJV wegkaapte, vond ik dat ze daar te weinig mee deden. De interesse was zoek." Aan de hand van Geen bereik, een boek over een bergtocht die een nare keer neemt, legde Marian uit hoe de wisselwerking met haar Nederlandse eindredacteur verloopt. Het gekissebis over Vlaams taaleigen. Het schrappen van zinnen. Het toevoegen van zinnen, ook: soms vraagt de uitgever om een paar woorden meer, om de bladspiegel mooi te kunnen vullen.

Uitgeverijen richten zich trouwens vooral op meisjes. Meisjes lezen meer. Daarom krijgen romans die geen duidelijke genrefictie zijn (een actieheldenverhaal voor jongens, ik zeg maar wat) meestal een cover die vooral meisjes zal aanspreken. Ook daar moet Marian zich soms tegen weren.

Er kwamen geen vragen uit de zaal, wat best jammer was. Het derde middelbaar is een moeilijke leeftijd. Of was de lezing misschien toch een tikje braaf? En had de schrijfster de interactie, de confrontatie, met het publiek tijdens de lezing al moeten opzoeken? Nieuwsgierigheid naar de boeken was er achteraf wél. Daar zullen de voorgelezen fragmenten voor iets tussen zitten.

Bedankt, Marian! Tot je nog eens je familie komt opzoeken in het verre Wevelgem...


maandag 28 april 2014

0

Jeugdauteur Johan Vandevelde op bezoek


Een van de trends in de Vlaamse adolescentenliteratuur van, pak 'm beet, de laatste tien jaar, is de specialisatie in genrefictie. De ene auteur bekwaamt zich in horrorverhalen, een andere bedrijft fantasy voor jongeren, een derde schrijft hoofdzakelijk detectiveverhalen.

Dat is prima: de boeken zetten allemaal in op spanning, actie en een goed verhaal -- op leesplezier, dus. Voor jongeren zijn het daarom vaak stapstenen op de lastige weg van jeugdboeken naar volwassenliteratuur (waar de genres ook welig tieren). Leerkrachten, van hun kant, maken dankbaar gebruik van genrefictie om hun leeslijsten, die vaak bol staan van ernstige 'probleem'boeken, wat op te leuken.

Al jaar en dag vaste klant in de hoogste regionen van de KJV-eindlijstjes is Johan Vandevelde. Vlaming. Geboren in 1973. Woont in Brussel. Timmert al vijftien jaar aan de weg als scenarist en jeugdauteur. Johan is gepassioneerd door goede verhalen en de juiste manier om die aan zoveel mogelijk mensen kwijt te kunnen. Als kind al vond hij opstellen schrijven het einde. Zelfs strafwerk kon hem niet deren; dat was enkel een alibi méér om een opstel te kunnen maken.


Johan kwam op verzoek van de bibliotheek een lezing geven over zijn 'leven en werk', zoals dat dan heet. In een stevig tempo fietste hij door zijn meest recente boeken. Tussendoor gaf hij, zwierig, speels, en getoetst aan populaire voorbeelden (Lord of the Rings), een lesje in verteltheorie.

Na zijn opleiding Audiovisuele Kunsten aan de filmschool RITS kon Johan zowat meteen aan het werk als scenarist bij productiehuis Multimedia (nu Eyeworks). Aan de hand van een uitgeschreven scène uit Flikken lichtte hij de anatomie van een goed scenario toe. Gedachten en gevoelens vind je er niet in: enkel wat te zien zal zijn, is relevant. Een verhaal op het grote of het kleine scherm vertel je aan de hand van wat personages doen. Een scenario bevat ook heel wat praktische informatie voor de producent. De aanduiding int. (binnenscène) in plaats van ext. (buitenscène) scheelt al snel enige duizenden euro aan politiekosten, vrachtwagens en extra belichting.


Nu is televisiemaken tot op zekere hoogte de kunst van het haalbare. Elke scenarist leeft op deadlines. Dat begon steeds meer te wringen; Vandevelde laat een verhaal liever rijpen tot het goed is. In 1999 schakelde hij daarom over op het schrijven van boeken. Zijn debuut De Tijdspoort was eigenlijk een overgangsproduct: oorspronkelijk was het een scenario voor een SF-film, die er nooit kwam omwille van evidente financiële problemen. Johan turnde het daarom om tot een jeugdboek. Twee jaar later mocht hij de eerste prijs van de Limburgse Kinder- en Jeugdjury in ontvangst nemen. De bal ging aan het rollen.

Nachtwild, met die fraai gestileerde cover, gaat over een duistere kracht die Brussel in zijn greep heeft. En over een smartphone-app bedoeld om jongeren te ontvoeren. "Alleen voor stalen zenuwen en ijzeren magen!" waarschuwde de schrijver.


In de fantasy-trilogie (straks tetralogie) Elfenblauw staat Sander centraal. Hij wordt kroonprins van het magische Cyndrië, een wereld vol draken en eenhoorns. Johan had voor de gelegenheid de vlag van Cyndrië meegebracht... Eerlijk is eerlijk, voor wie niet vertrouwd was met deze boeken ging het ijltempo waarmee Johan elke synopsis zat te schetsen zich hier een beetje wreken.

De Elfenblauw-cyclus zal blijven aangroeien, verklapte de schrijver. Maar op twee voorwaarden. "Kan ik mezelf blijven overtreffen?" En: "Zit er een voldoende groot publiek te wachten op een vervolg?" De vele enthousiaste mailtjes laten over die laatste vraag alvast geen twijfel bestaan.

Naast SF en fantasy schrijft Johan Vandevelde ook traditionele literatuur. Zelf noemt hij het liever "levensechte boeken". Jaspers vlinders is een breekbaar verhaal over een jongen die aarzelend met zijn geaardheid in het reine moet komen, en daarin gesteund wordt door zijn leerkracht biologie die --publiek geheim-- ook homo is.


Johan bood toen een blik in de interne keuken. Hoe schrijft hij zijn verhalen eigenlijk? De computer blijkt het uitgelezen instrument van de hedendaagse schrijver. Dáár worden de eerste ideeën in mappen ondergebracht, samen met grappen, foto's en zelfs inspirerende muziek. Zijn er genoeg ideeën voorradig, dan worden de personages wat meer uitgewerkt. "Zij moeten zo vertrouwd aanvoelen als je familie." Ze moeten ook interessante trekjes hebben: wie een huurmoordenaar bedenkt met een liefde voor bloemen, zorgt ervoor dat we ook voor hem een klein beetje sympathie kunnen voelen. Langs een regenpijp naar beneden klauteren krijgt een extra lading wanneer de held last heeft van hoogtevrees...

Blijft over: de structuur van een verhaal. Zonder structuur zakt het hele zaakje in elkaar. Alle goeie verhalen, alle blockbusters uit Hollywood, gaan terug op een structuur die Aristoteles al heeft blootgelegd. In het begin stelt de auteur zijn personages voor. Wanneer hun leven door een dramatische wending overhoop wordt gegooid, krijgen ze een doel voor ogen en kan het verhaal beginnen. In het middendeel moeten de helden een aantal hindernissen overwinnen. Elk hindernissenparcours bevat wat in het jargon een 'zwart punt' wordt genoemd: het dieptepunt van het personage én het hoogtepunt van het verhaal. Op het einde volgt de ontknoping: de held bereikt zijn doel. Of niet.

Gelukkig is tekst levende materie en laat het schrijven van een roman zich nooit herleiden tot het invullen van een schema. Mogelijkheden genoeg voor de schrijver of zichzelf te verrassen. Elk boek eist ook meerdere versies om alles goed strak te krijgen.


De leerlingen van het Sint-Pauluscollege (Wevelgem en Moorsele) uit het tweede middelbaar vroegen Johan onder meer of zijn inspiratie ooit dreigt op te drogen. "Kan ik me niet voorstellen," zei hij. "Wie zijn ogen goed openhoudt en blijft nadenken over de wereld om hem heen, heeft altijd verhalen genoeg om te vertellen. Schrijven is niet zomaar een beroep. Het is een drang, een passie. Een dag niet geschreven, of een dag niet nagedacht óver wat te schrijven, is voor een auteur een dag niet geleefd."

Iemand polste naar Johans favoriete schrijver. Leest hij zelf veel boeken? "Ray Bradbury," klonk het meteen. "Een Amerikaan. Bedenker van SF-verhalen met een uitzonderlijk poëtische inslag. Fahrenheit 451 is zijn bekendste titel, over een wereld waarin boeken verboden zijn. Maar Dandelion Wine moet zowat mijn lievelingsboek zijn. Eigenzinnige jeugdmemoires uit het Amerikaanse midwesten."

Johan Vandevelde bleek een zeer benaderbare schrijver met een goed verhaal. Hij wist het publiek op een natuurlijke manier stil te houden. Dat zijn boeken publiekslievelingen zijn, is daar natuurlijk niet vreemd aan. Enkele leerlingen hadden wat meer over zijn privéleven geweten (Is hij getrouwd? Heeft hij kinderen?). Andere leerlingen hadden het blok over scenarioschrijven ingeruild, of ingekort, voor een voorgelezen fragment uit een van de boeken. Over het algemeen waren de reacties zeer positief. "We gaan zeker eens op zoek naar zijn boeken," luidde het hier en daar, bij wie niet vertrouwd was met het oeuvre. Kijk, dat horen we natuurlijk graag! Daar doen we het voor.

Bedankt, Johan. Tot de volgende!

(Meer weten over Johan Vandevelde? Bezoek zijn website, met o.a. een forum om samen te discussiëren over de boeken.)